16. Sturen en beoordelen van prestaties is van alle tijden

Ramses III (1279 tot 1213 voor Christus) was één van de meer expansieve Farao’s. De Medinat Habu in Thebe (dichtbij het huidige Luxor) is zijn Dodentempel. Daar werd zijn lijk gemummificeerd, voor het begraven werd in het nabijgelegen Koningsdal.

Aan het bouwen en verfraaien van Dodentempels, bvb. deze Medinat Habu, werd zeer veel aandacht besteed. Dit moest een indrukwekkend bouwwerk worden om de Goden gunstig te stemmen. Hieronder een impressie van de ingang.

egypte001 small


Ramses III was, zoals reeds gezegd, een zeer expansieve Farao. Dat wordt links van de ingang op bovenstaande foto uitgebeeld. Van dichterbij ziet u de afbeeldingen op de eerstvolgende foto.
In onderstaande afbeelding hakt Ramses III (de linkse figuur) zijn vijanden (tussen hem en de afbeelding van de God Amon) in de pan. Let daarbij op zijn gespreide benen (symbool voor daadkracht) en de opgeheven hand waarin u misschien de bijl herkent. Hij doet dit ter ere van Amon (de rechtse figuur), de belangrijkste godheid van die tijd, herkenbaar aan de twee gigantische pluimen als hoofddeksel. Stoer doen om de Godheid te behagen dus.  

egypte002 small


Traditioneel werden de heldendaden van de Farao’s aangebracht als schilderingen, tekeningen en hiërogliefen op tempelmuren, obelisken en in graven. Daardoor krijgen we een buitengewoon inzicht in de gewoontes van die tijd, de interne keuken van hun organisatie, hun ambities…

Ramses III veroverde land, veel land. Eén van zijn bekendste veroveringen zijn delen van het huidige Libië.

In die tijd telde een grote invasiemacht enkele duizende soldaten. En daar ga je dus mee op stap. Lang en ver. Zoiets moet je organiseren.

Doel (verwachte output): de vijandelijke soldaten doden of gevangen nemen en hun land bezetten.

Hoe motiveer je soldaten om, op gevaar van eigen leven, de tegenstrever te doden of in gevangenschap te nemen? Precies, door het invoeren van Performance Management - hier een bonussysteem.

Meten is weten, dus waarneembare kerngetallen graag.

Wat betreft de gevangenen, toekomstige slaven, is dat niet zo’n punt: gewoon de juiste rondlopende neuzen tellen (noem het Headcount Reporting).
Bewijsvoering van de gedode vijanden wordt lastiger: na een veldslag in een woestijn met lijken sleuren is niet meer leuk. Vandaar dat we ons beperken tot de afgehouwen handen. Dat is praktischer.

egypte003 small


Maar dan steekt een validiteitsprobleem de kop op: hoe wisten de veldheren van Ramses III dat ze betaalden voor de afgehakte handen van dode Libische soldaten en niet voor de afgehakte handen van de eigen gesneuvelde strijdkrachten?
Technische know how, hier kennis van de lokale gebruiken, komt ter hulp. Toen reeds was het de gewoonte om de Egyptische mannen te besnijden. Terwijl dit in Libië nog niet het gebruik was. Dus: afgesneden piemels controleren en tellen (zie hieronder)!

egypte004 small


Tellen en registreren (bvb. op papyrusrollen of muurtekeningen), daarvoor moet je over passende symbolen beschikken. Dat ziet u hieronder.
 

egypte005 small


Elk streepje onderaan deze foto staat voor een gedode vijand. Vijf streepjes, dus vijf gedode vijandige soldaten.
Elk hoefijzer staat voor tien eenheden in het hiërogliefenschrift. Zeven hoefijzers, dus 70 gesneuvelden.
De sikkelvormige letter C, geheel bovenaan de foto, staat voor honderd.
Samengevat: Ramses III betaalde bonussen voor 175 gedode vijandige soldaten voor de inval in Libië.

Zoals wel vaker gebeurt bij propaganda wordt het aantal soldaten, dat sneuvelde in eigen rangen, kies verzwegen.

Ook meer recent en dichter bij huis, komt prestatieloon voor. De Middelburgsche Commercie Compagnie had in 1762 dergelijke akkoorden voor het vervoer van slaven.

Indien u nog een oudere vorm van Performance Management zou bekend zijn, dan houden we ons warm aanbevolen:contact

Wanneer u , samen met mij, nog wil genieten van een paar prachtige vakantiekiekjes: klik hier.

 
Powered by VividNight